door Emmanuel Naaijkens
In de aanloop naar de nationale viering van 25 jaar bevrijding op 5 mei 1970, klonken er in de samenleving geluiden dat het genoeg was geweest. De oorlog was verleden tijd, en het vijfde lustrum was een goed moment om de blik niet langer achterwaarts, maar voorwaarts te richten.
Bovendien waren er nog genoeg maatschappelijke problemen die om aandacht vroegen. Was er bijvoorbeeld een kwart eeuw na de beëindiging van de Tweede Wereldoorlog niet nog steeds grote woningnood, betoogden critici. Bovendien viel in 1970 de viering van de bevrijding in de roerige periode van de jaren zestig en zeventig, waarin met name jonge mensen aandrongen op maatschappelijke verandering.
En hoezo vrijheid, vroegen ze zich af, met dictatoriale regimes binnen de Europese landsgrenzen: Griekenland (Kolonelsregime), Spanje (Franco) en Portugal (Salazar); de Praagse Lente van Alexander Dubček die met bruut geweld was neergeslagen?



Het National Comité 25 jaar Bevrijding had bij de presentatie van het programma nog zo zijn best gedaan om duidelijk te maken dat de herdenking op 4 mei en de bevrijding op 5 mei niet uitsluitend op het verleden was gericht. Ook het thema was daar op gekozen: ‘Vrijheid – ook voor de ander’. Die boodschap kwam kennelijk niet goed over want eind mei, na de herdenking en de festiviteiten, zag premier Piet de Jong (KVP) zich genoodzaakt om zich nadrukkelijk uit te spreken. De berichten dat de herdenking van de slachtoffers en viering van de bevrijding voor de laatste maal hadden plaatsgevonden, misten elke grond, aldus de premier in antwoord op Kamervragen.
In Hilvarenbeek lag de organisatie van bevrijdingsdag (niet de Dodenherdenking) in handen van de Oranjeverenigingen die er toen nog waren in de drie kerkdorpen. Men had de hint van het Nationaal Comité goed begrepen. ‘[…] is er besloten dat het zinvol is niet enkel uit het verleden te gaan herdenken, maar onze feestviering van thans te enten op de wereldsituatie zoals die sinds 1945 gegroeid is, een situatie waarvan wij door de communicatiemiddelen heden ten dage als wereldburgers bewust zijn. Een viering onder het thema “Onze vrijheid in 1970” kan een feest zijn waar alle burgers van onze gemeente zich nauw bij betrokken kunnen voelen’, staat te lezen in De Hilverbode van 7 maart 1970. Op donderdag 12 maart zou er een informatieavond plaatsvinden in het Gemeenschapshuis in de Koestraat, aldus de aankondiging.
Inbreng van jongeren
Een van de aanwezigen op de drukbezochte avond was bovengetekende. Ik was daar met een speciaal doel naar toegegaan, namelijk om aandacht te vragen voor de jongeren. Het voorlopig programma dat gepresenteerd was was vooral traditioneel van opzet. Zestien jaar oud was ik en ik hield een pleidooi om in het programma ook eigentijdse activiteiten te organiseren voor mijn leeftijdgenoten. En zoals dat dan gaat in zulke situaties, ze vroegen mij het initiatief te nemen. Met wat vrienden en kennissen vormden we een werkgroep. We bedachten een ‘Ludiek Centrum’ (een gevleugeld woord in die tijd) op 5 mei ’s middag in het Gemeenschapshuis, en ‘s avonds een popconcert met een optreden van een van de plaatselijke popbands, Settle Down.
Hoewel er het voornemen was tot verdieping, was het uitgebreide programma er een van louter festiviteiten. Wel was er een inzamelingsactie opgezet onder Beekse inwoners voor twee kinderen uit Beiroet, die slachtoffer waren geworden van oorlogsgeweld. Zij werden verpleegd in een Rotterdams ziekenhuis. De opbrengst was ruim 2200 gulden, mede dankzij een donatie van de gemeenteraad van duizend gulden. Het is triest te moeten constateren dat 55 jaar later Libanon nog steeds lijdt onder oorlogsgeweld.
Wie neemt het stokje over?


Toch lijkt er in die periode een afnemende behoefte om de bevrijding groots te blijven vieren, zelfs niet in een lustrumjaar. ‘s Avonds worden nog altijd twee minuten stilte in acht genomen, maar het openbare leven gaat steeds meer door zonder rekening te houden met dat moment van bezinning. In de 21e eeuw lijkt de aandacht voor 4 en 5 mei weer toe te nemen, al ligt de nadruk dan meer op gedenken en herdenken. In de gemeente Hilvarenbeek en Diessen wordt in 2014, bij zeventig jaar bevrijding, de werkgroep ‘Oorlog en Vrijheid’ opgericht die elk lustrumjaar een programma organiseert van expositie, lezingen, een concert enz. En een website, www. oorlogenvrijheidhilvarenbeek.nl. Het doel is vooral om de verhalen uit ’40 – ’45 in herinnering te houden. Inmiddels is de werkgroep onderdeel van de Heemkundige Kring.
De organisatoren zijn zestigers en zeventigers die uit tweede hand nog de verhalen kennen over die donkere periode. De grote vraag is, wie neemt het stokje na hen over? De veertigers en vijftigers van nu? Toch iets om over na te denken, hoe in het jaar 2029 respectievelijk 2030? De Dodenherdenking vindt (nog) wel elk jaar plaats.
[Dit artikel is ook gepubliceerd in Tussen Paradijs en Toekomst nr. 122 april 2025]